Scheidend voorzitter Pol Hinke (38) zou veranderingen in COVS graag sneller doorgevoerd willen zien

‘COVS regeert niet meer uit ivoren toren’

Door LEO BLANK


Toch wel tot verrassing van velen kondigde COVS-voorzitter Pol Hinke vorige maand zijn vertrek aan in mei 2019. Door drukke werkzaamheden én een studie die hij begin volgend jaar oppakt komt zijn inzet voor de belangenorganisatie van voetbalscheidsrechters in Nederland steeds meer in de knel. Hoewel Pol dus nog bijna een halfjaar in functie blijft, ging hij net voor het afscheid van 2018 en het welkom van 2019 graag in op ons verzoek voor een interview.


Kun je jezelf nog even kort introduceren?

Pol Hinke, 38 jaar, samenwonend in Amsterdam, afdelingsleider onderbouw havo-vwo op de Copernicus scholengemeenschap Hoorn. Dertien jaar gefloten voor de KNVB, tot het hoogste amateurniveau. Zes jaar geleden gestopt wegens blessures, ook gaf ik voorrang aan mijn maatschappelijke loopbaan. Sinds eind 2014 voorzitter COVS, daarvoor bestuurlijk actief bij scheidsrechtersvereniging Waterland en in het districtsbestuur West I.”


Wat stelde je jezelf bij de start vier jaar geleden als voornaamste opdracht?

“Hoe krijgen we de COVS toekomstbestendig? En hoe geven we scheidsrechters het gevoel dat het lidmaatschap er toe doet? De organisatie was toen erg naar binnen gericht. Vooral bezig met interne kwesties. Het ging vaak niet over de belangen van de scheidsrechters in het land.”


Is die missie geslaagd in jouw ogen?

“Deels. Al ben ik niet helemaal tevreden. Het is een lang proces, we zitten nog in de beginfase. We weten waar we naar

toe willen. Er is in de begroting meer geld vrijgemaakt voor activiteiten voor scheidsrechters. En minder voor bestuurskosten. Het opheffen van de districtsbesturen bespaart ons veel geld. De weerstand tegen die maatregel en de vragen die het opriep waren heel begrijpelijk. Maar ik kan niet zeggen dat we die extra bestuurslaag echt missen. Het vrijgekomen geld wordt onder meer gestoken in de landelijke arbitragecongressen en activiteiten in de Week van de Scheidsrechter. Grenzen tussen aangesloten scheidsrechtersverenigingen vallen weg. Leden van andere verenigingen zijn daardoor ook welkom bij activiteiten van een zustervereniging. Een hele vooruitgang. Al lukt dat nog niet overal.”


Hoe keek je tegen de COVS gaan en hoe nu?

“De doelstelling van de vereniging was niet helder. Voor wie zijn we er? Voor bestuurders en oud-scheidsrechters? Of juist voor de arbiters die ieder weekend het veld ingaan? Er heerste een vergadercultuur en een sfeer van ‘ons kent ons’. De afstand van de leden tot het hoofdbestuur was ontzettend groot. Die is in mijn ogen verkleind, al is ie nog veel te groot.”

“Ik zeg dit niet als kritiek op mijn voorgangers, laat dat duidelijk zijn. Johan Dollekamp, die ik opvolgde, heeft in tijden van crisis rust gebracht. Als hoofdbestuur hebben we een rondje gemaakt langs de velden in het land. Er zijn grote regionale verschillen. Maar het is niet meer overal grijs dat de klok slaat. Ik zie ook meer jongeren actief bij de scheidsrechtersverenigingen. Ook op de jaarvergadering van de COVS komen niet alleen maar senioren.”

Wat is de grote kracht van de COVS en wat de zwakte?

“Onze kracht zit in de regionale binding. We zitten met onze 55 aangesloten verenigingen door het hele land. Iedere scheidsrechter kan dichtbij huis trainen, spelregelavonden en andere activiteiten bezoeken. Bestuurders kennen als geen ander de mensen in hun gebied. En onderhouden contacten met de voetbalclubs. Bij een scheidsrechtersvereniging kan een scheidsrechter zijn verhaal kwijt, ervaringen uitwisselen met collega’s en voelt hij zich op zijn gemak.”

“Tegelijkertijd is het een zwakte dat de 55 scheidsrechtersverenigingen strikt autonoom zijn, met eigen besturen en eigen keuzes. Het is daardoor lastig een landelijke lijn overal uitgevoerd te krijgen. Besluitvorming verloopt heel traag, daardoor worden ontwikkelingen tegengehouden wat ten koste gaat van de scheidsrechters.”


Hoe is de relatie met de KNVB?

“In het begin was het aftasten. Beide moesten hun rol in het overleg bepalen. Er is enkele keren per jaar formeel contact. De COVS is onafhankelijk, dat wil ik benadrukken. Wij denken mee in het belang van de scheidsrechter. Geven ongevraagd en gevraagd advies aan de bond. Aanvankelijk was het vooral ongevraagd, lag een besluit eigenlijk al vast bij de KNVB. Nu worden we in een veel eerder stadium bij plannen betrokken. De COVS is veel meer onderdeel geworden in het besluitvormingsproces. Al kan het altijd nog beter.”

“Een goed voorbeeld van onze grotere rol is de werkgroep rapportage. Mede op onze aandrang is de focus veel meer gelegd op het managen van een wedstrijd door de scheidsrechter. De afrekencultuur moet geleidelijk verdwijnen. We zetten stappen. De volgende is de organisatie van scheidsrechtersopleidingen. Daar willen we meer bij betrokken worden. De COVS kan via haar verenigingen jonge scheidsrechters begeleiden. Ook willen we dat opleidingen zoveel mogelijk bij aangesloten scheidsrechtersverenigingen plaatsvinden. Zodat een beginnende arbiter er niet direct alleen voor staat en kan terugvallen op kennis en ervaring van oudere collega’s.”

Pol Hinke op de Copernicus Scholengemeenschap in Hoorn. Foto Leo Blank.

Niet alles is gelukt in die vier jaar dat jij voorzitter bent. Wat is je grootste frustratie?

“Dat we er niet in geslaagd zijn om alle aangesloten scheidsrechtersverenigingen binnenboord te houden. Sommige zijn gestopt vanwege een tekort aan leden. Maar

Pol meer dan zes jaar geleden als scheidsrechter tijdens de streekderby FC Lisse – Noordwijk met 3.000 toeschouwers. Foto: mevrouw Hinke.

enkelen zijn afgehaakt omdat ze geen geloof hadden in de COVS en de meerwaarde niet inzagen. Wat ik sommige besturen kwalijk neem is dat ze zich onvoldoende hebben verdiept in het beleid van de COVS, geen contact hebben gezocht met ons en de leden onvolledig hebben voorgelicht. Daardoor was een besluit om uit te stappen gebaseerd op aannames, niet op feiten. Gelukkig keren sommige verenigingen terug op hun schreden en sluiten zich weer aan.”

“Wat me ook dwars zit is dat het tempo van veranderingen zo ontzettend laag ligt. We zijn allemaal vrijwilliger. Scheidsrechtersverenigingen opereren autonoom. Scheidsrechters zijn van huis uit nogal eigenwijs, zeggen geen ‘ja en amen’ tegen voorstellen. Prima, maar dat maakt besluitvorming soms erg ingewikkeld.”


Districtsbesturen zijn opgeheven, de COVS werkt sinds enkele jaren met een vakcommissie voor bepaalde terreinen. Hoe gaat dat?

“Wisselend. We staan volledig achter de aanpak, alleen de uitvoering verloopt niet overal even soepel. De commissie

werving en behoud is een goed voorbeeld hoe het zou moeten werken. Die organiseert de landelijke arbitragecongressen, activiteiten in de Week van de Scheidsrechter. Ook de commissie technische zaken doet goed werk, al is dat minder zichtbaar. Die is betrokken bij opleidingen van de KNVB, is belast met de landelijke COVS-voetbaltoernooien in de zaal en op het veld. En organiseert de spelregelwedstrijden voor COVS-teams en jeugd.”

“Ik weet dat er discussie is over de vraag of die toernooien nog tot onze kerntaken horen. Ik zeg niet per definitie ‘ja’. Aan de andere kant zijn het wel de enige momenten dat we als landelijke organisatie leden bijeen kunnen brengen. Ook naar de wijze waarop spelregelwedstrijden worden gehouden kijken we kritisch. Bij de senioren gaan we volgend jaar ook op de moderne toer met de smartphone. We hopen de wedstrijd bij de jeugd ook nieuw leven in te blazen, misschien met jeugdscheidsrechters. Het was erg jammer dat de landelijke finale dit jaar niet is doorgegaan door gebrek aan animo. Het blijft een goed middel om spelregelkennis up to date te houden. En deelnemers vinden het leuk en leerzaam.”

Waar kijk je na vier jaar met de meeste voldoening op terug?

“Dat we samen met bestuurders van scheidsrechters-verenigingen twee keer een landelijk congres kunnen opzetten en tal van activiteiten in de Week van de Scheidsrechter houden. En dat we als hoofdbestuur samen met de bestuurders in het veld de lijnen uitstippelen. Het idee dat wij in een ivoren toren zitten is in mijn ogen echt achterhaald.”


Hoe zie je de toekomst van de COVS?

“En lastige vraag. De organisatie zal er over pakweg tien jaar nog gerust zijn. Groei van het aantal leden is geen doel op zich. Als er minder scheidsrechters zijn, heeft dat effect op ons ledental. Op dit moment is ongeveer de helft van het aantal KNVB-scheidsrechters aangesloten bij de COVS. Dat zou eigenlijk wel 75 procent moeten zijn. Ik heb vertrouwen in onze drie kernwaarden: ontwikkeling en belangenbehartiging van de scheidsrechter en het bieden van een plek waar hij zich op zijn gemak voelt en collega’s spreekt. Daar zal altijd behoefte aan zijn.”

Deel je de mening dat de randvoorwaarden voor de amateurscheidsrechter voor verbetering vatbaar zijn?

“Nee, ik vind dit echt geneuzel! De onkostenvergoeding die de KNVB er bij de Belastingdienst heeft uitgesleept is echt de maximale. Het is een hobby, dat moeten we niet vergeten. Als COVS hebben we bij de bond een pleidooi gehouden voor het beschikbaar stellen van kleding. Maar de KNVB zit vast aan een contract met Nike. En dat sportmerk brengt geen scheidsrechterskleding op de markt. Als COVS gaan we vooralsnog niet aan de slag met dit thema.”


Is er voldoende waardering voor de amateurscheidsrechter?

“In het algemeen wel. Bij de meeste clubs wordt de arbiter prima ontvangen en is er zeker waardering voor hem of haar. Wat me echt grote zorgen baart is dat clubbestuurders soms de goede intenties plotseling lijken te vergeten als en te keer gaan tegen de scheidsrechter. Met af en toe een uitwas. Daar moeten we alert op blijven.”

Stroomt jong talent in de arbitrage soms te snel door naar het betaald voetbal?

“Moeilijk om iets van te zeggen. Wat goed is komt snel. Ervaring is bij scheidsrechters een belangrijke factor. Je hebt een rijpingsproces nodig. Maar iedere scheidsrechter moet actief zijn op het niveau dat bij hem past. Of je nu 22 of 55 jaar bent.”


Rapportage is misschien wel het heetste hangijzer in scheidsrechtersland. Wat vind jij van de huidige wijze van beoordelen?

“Dat kan niet meer. Daar ben ik duidelijk in. Nergens in de wereld gaat het zo als in Nederland. Er wordt op basis van twee of drie beoordelingen per seizoen een ranglijst opgesteld die bepaalt of je eventueel promoveert of degradeert. Het werkt een onderlinge competitie tussen scheidsrechter in de hand. Dat vind ik ongezond. De scheidsrechter wordt nog te veel afgerekend op fouten. Terwijl de nadruk veel meer moet liggen op begeleiding en coaching.”

“De KNVB zou wel wat meer risico mogen nemen door ook spelers en trainers van beide teams een beoordeling te laten geven. Dat hoeft helemaal niet negatief te zijn, zie het als verbeterpunten waar de arbiter aan kan werken. Voor een rapporteur is het langs de kant soms lastig om te beoordelen of een scheidsrechter er in slaagt een wedstrijd goed te managen. Vaak staat de rapporteur te ver van een spelsituatie, voor spelers is dat beter te doen.”


Pol als voorzitter tijdens een van de jaarvergaderingen. Foto Christ v.d. Donk.

Blijf je na je afscheid in mei 2019 nog iets doen voor de COVS?


“Ik ga eerst afstand nemen, wil niemand voor de voeten lopen. Ik start in januari met een opleiding voor schoolleiders. Dat vergt veel tijd en aandacht. Dat is ook de reden dat ik stop als voorzitter. Ik kon onvoldoende tijd vrijmaken voor de COVS. Dat gaat ten koste van de vereniging. Ik wil geen vertragende factor zijn of worden. Ik blijf sowieso lid, de COVS heb ik in mijn hart gesloten.”