Door LEO BLANK

De arbitrale loopbaan van Sander van der Eijk (27) uit Amstelveen gaat tot nu toe als een speer. De ambitieuze sportman, die met een tijd van 48.26 minuten op de vierhonderd meter in zijn jonge jaren tot de vaderlandse subtop in de atletiekwereld behoorde, hoopt dit seizoen op de voorlopige bekroning in de vorm van zijn debuut in de Eredivisie.

Van der Eijk, drie dagen per week controller bij de Blue Sky Group (KLM), zit voor het derde seizoen in de Masterclass betaald voetbal. Met zestien andere toptalenten lonkt hij naar het hoogste nationale niveau waarop een scheidsrechter acteert. Vijf van hen hebben die doorbraak ondertussen gemaakt: Rob Dieperink, Richard Martens, Joey Kooij, Martin Perez en onlangs Erwin Blank.

Sander hoopt zich dit seizoen te scharen bij dat kwintet: “Ik barst van de ambitie. Uiteraard doe ik er alles aan om mijn vuurdoop in de Eredivisie te krijgen. Als jongelingen hebben we de tijd mee. De afgelopen jaren zijn enkele oudere collega's gestopt. Dat is goed voor de doorstroming. Maar hoe je ook je best doet, een portie geluk komt er altijd bij kijken.”

Hij beseft dat de concurrentie tussen de twaalf jonge arbiters die ook staan te dringen voor de poort van de Eredivisie ontzettend groot is: “Maar dat hoort bij topsport. We zijn collega’s en steunen elkaar zoveel als kan. Maar aan het eind van de streep gaat toch ieder voor zijn eigen kansen. Dat vind ik niet meer dan normaal én ook gezond.”

Sfeervol en lastig

Tot nu toe is Van der Eijk vooral te vinden in de Keuken Kampioen Divisie (Eerste Divisie). Sinds zijn debuut op dit niveau op 22 augustus 2016 bij Jong FC Utrecht – RKC (1-3, vier gele kaarten), floot hij al veertig ontmoetingen in de op één na hoogste divisie. Hij kijkt geenszins neer op die wedstrijden: “Integendeel. Er zitten hele sfeervolle en lastige ontmoetingen tussen. En met clubs als FC Twente, Sparta, Roda én Cambuur en Go Ahead Eagles kom je in stadions waar meestal veel publiek zit. Dat zorgt ook voor de arbitrage voor extra beleving.”

Daarnaast fungeert hij regelmatig als vierde man in de Eredivisie (zoals afgelopen zondag bij AZ – Heerenveen). Af en toe komt er een wedstrijd voorbij in de Tweede Divisie en bij de reserves betaald voetbal. Ook is Sander, net als al zijn collega’s in het betaald voetbal, actief als assistent-videoreferee. Afgelopen vrijdag toog hij aan het eind van de middag naar het videocentrum in Zeist om als VAR de wedstrijd FC Emmen – VVV nauwkeurig te volgen. Door zijn ingreep werd een rode kaart uitgedeeld.

“Iedereen doet mee in de videoarbitrage. Het is een verrijking van je kennis en ervaring. Je zit in een andere rol, bekijkt een wedstrijd van afstand in een rustige omgeving waar het tegelijkertijd heel hectisch kan zijn. Ik leer er veel van.”

Foto boven: Sander van der Eijk actief in de wedstrijd GA Eagles tegen Jong Ajax. Foto Pro Shots / Niels Boersema.

Drie werkdagen

Die extra taak heeft overigens wel tot gevolg gehad dat hij zijn werkweek heeft teruggeschroefd van vier naar drie dagen. Niet meer dan logisch, vindt de Amstelvener: “De arbitrage slokt veel tijd op. Wedstrijden, voorbereiding en training, evaluatie, videoarbitrage. Officieel sta ik voor elf uur op de loonlijst bij de KNVB. In werkelijkheid draai ik met gemak het dubbele aantal uren per week. Alleen al in oktober was ik actief bij zeven wedstrijden, bijna twee per week. Het was een extra drukke periode vanwege bekervoetbal. Vanavond (dinsdag 30 oktober, red.) leid ik Urk-Roda JC.”

RKAVIC

Sander fluit sinds zijn veertiende wedstrijden. Scheidsrechterscoördinator Kees Zaal van voetbalvereniging RKAVIC in zijn woonplaats Amstelveen polste hem destijds voor het leiden van jeugdwedstrijden. Dat beviel Van der Eijk uitstekend: “Ik had er veel plezier in. Ik voetbalde toentertijd ook bij RKAVIC. Schopte het op achttienjarige leeftijd zelfs tot het eerste. Dat kwam uit in de vierde klasse op zondag. Ik was vleugelspits, maar ik had weinig moeite om een keuze te maken voor de arbitrage.”

Hij volgde de SO III-cursus (tegenwoordig BOS-cursus) bij Pancratius in Badhoevedorp. Nadat hij zijn diploma had behaald, werd de jonge leidsman direct voor de leeuwen geworpen. Sander: “Ik floot gelijk senioren, vanwege de extra weerstand van spelers. Daar leer je heel veel van. Ben begonnen in de reserve vierde klasse. Daarna standaardteams in de vijfde en zesde klasse. Ontzettend leerzaam, vooral met al die derby’s in de Noord-Hollandse dorpen.”

Sander van der Eijk in de wedstrijd Helmond Sport - Fortuna. Foto Pro Shots / Peter van Ninhuys.

Incident

Hij ging elk seizoen een stap omhoog. Tot Sander de top van de amateurs had bereikt. In al die jaren maakte hij slechts één keer een ernstig incident mee: “Dat was bij Schoten in Haarlem. Er ontstond plotseling een fikse vechtpartij tussen een speler en een supporter van de tegenpartij. Meer spelers en supporters gingen met elkaar op de vuist. Ik kon de veiligheid van mensen niet meer garanderen en heb de wedstrijd definitief gestaakt. Geen leuke ervaring, maar wel een leermoment. Je moet je woordje doen bij de tuchtcommissie, leert in de praktijk hoe je zo’n tuchtzaak moet afhandelen als scheidsrechter.”


Fysiek versus techniek

De overgang naar de (semi)profs in 2016 was best groot, heeft hij ervaren: “Bij de amateurs gaat het vaak om het fysiek. In het betaald voetbal draait het vooral om techniek en verloopt het spel sneller. Daarnaast krijg je te maken met de headset, meer media, tv. Ik weet nog goed dat ik mijn debuut maakte bij Jong Utrecht. In dat grote stadion Galgenwaard zaten toch gauw zevenhonderd mensen. Ik had ook ontmoetingen bij topamateurclubs als IJsselmeervogels gefloten. Daar kwamen ook minimaal twee- tot drieduizend bezoekers op af. Maar toch is de beleving in het betaald voetbal totaal anders dan bij de amateurs.”


Eredivisie

Ook zijn eerste optreden als vierde official in de Eredivisie was

Sander van der Eijk. Foto Leo Blank.

iets om niet snel te vergeten, erkent hij: “Het gebeurde bij Roda JC. Vergeet niet dat iedere wedstrijd live wordt uitgezonden door FOX Sports. Trainers en spelers weten dat en gedragen zich daar soms naar. Bij trainers kunnen de emoties hoog oplopen. Ik zie dat als een spel tussen hen en ons als vierde officials. Soms is negeren de beste oplossing, af en toe moet je optreden en een grens stellen, maar ook kun je een geintje maken om de gemoederen weer tot bedaren te brengen. Ik heb eigenlijk nooit


problemen met coaches, ondanks het grote leeftijdsverschil waarvan meestal sprake is. In drie jaar heb ik, in overleg met scheidsrechter Bas Nijhuis, slechts één keer iemand van de bank naar de tribune moeten sturen. Dat was de assistent-trainer van ADO Den Haag.”


Krachthonk

Sander traint, afhankelijk van zijn wedstrijdpakket in een week, drie tot vier keer. Soms op de atletiekbaan in Uithoorn, soms op gras. Een paar keer per maand sluit hij aan bij de trainingsgroep van Scheidsrechtersvereniging Amsterdam (SVA), waarvan hij vanaf de eerste dag dat hij floot lid is. Daarnaast is hij twee keer per week te vinden in de sportschool in Uithoorn, waar hij een trouwe bezoeker is van het krachthonk. Ook fietst en wandelt hij regelmatig.

“Een uitstekende conditie is de basis van alles. Drie keer per seizoen moeten we in het betaald voetbal de zware FIFA-test afleggen. Zes keer een sprint van veertig meter en vervolgens veertig keer een afstand van 75 meter. En dat allemaal binnen een bepaalde tijd. Wie de test niet met goed gevolg aflegt fluit voorlopig niet. Zo zijn de regels. Ik heb bewondering voor oudere collega’s die dezelfde proef moeten ondergaan. Sommigen komen terug van een vervelende blessure en moeten maar zien dat ze de test halen. Gelukkig heb ik zelf bijna nooit last gehad van lichamelijke klachten. Alleen was ik er vorig seizoen twee maanden uit vanwege een hamstringblessure. Een kwestie van overbelasting. Het is best lastig om de juiste balans tussen arbeid en rust goed in de gaten te houden.”

Sander van der Eijk in de wedstrijd Go Ahead Eagles - FC Oss. Rode Kaart voor Van den Herik. Foto Pro Shots / Erik Pasman.

Loopvermogen

Loopvermogen en fysieke conditie noemt hijzelf als zijn sterkste punten. Waar nog winst valt te behalen is, vindt Sander, het verkopen van beslissingen aan spelers en publiek. “Ik moet gewoon nog overtuigender overkomen. Fluiten is ook toneelspelen, zonder overigens je persoonlijkheid ondergeschikt te maken. Ik betrap me er op dat ik af en toe te veel risico neem door voordeel te geven, waar ingrijpen eigenlijk nodig is. Ik ben niet bepaald pietluttig, maar daarmee moet je wel uitkijken.”


Björn Kuipers

Zijn grote voorbeeld is onmiskenbaar Björn Kuipers, de nationale en internationale topper uit Oldenzaal. Sander: “Die man is al jaren zo professioneel bezig met zijn vak! Hij is ongelofelijk gedreven, laat niets over aan het toeval. Ik weet nog goed dat ik voor het eerst als vierde man optrad met Team Kuipers. Dat was bij NAC-FC Dordrecht. Dan maak je van nabij mee hoe serieus en professioneel zij bezig zijn met de wedstrijd. Als vierde man assisteer je steeds een andere scheidsrechter. Wat verwacht hij van je en wat niet? Dat is bij iedereen verschillend. Maar ik ben altijd blij dat we in het betaald voetbal met zijn vieren zijn. En dat ik neutrale assistenten heb langs de lijn. Wat ik zeker niet mis zijn de clubassistenten uit het amateurvoetbal, haha.”


België

Vorig weekend maakte Sander zijn debuut over de grens. Hij was aangesteld voor de beladen wedstrijd tussen KV Mechelen en Beerschot Wilrijk in de Belgische Eerste Divisie. Een pikante ontmoeting omdat de thuisclub betrokken is bij het omkopingsschandaal bij de zuiderburen waar sinds enkele weken volop onderzoek naar gedaan wordt en waarbij ook al enkele verdachten zijn opgepakt en verhoord.

Sander wil er weinig over kwijt: “Dat is de afspraak met de KNVB. Wat zou ik er van moeten zeggen? Ik weet evenveel of weinig als lezers van kranten en tv-kijkers. Er was ontzettend veel media op afgekomen. En dik 16.000 bezoekers, het stadion was stijf uitverkocht. Een hele belevenis mag ik wel zeggen. Gelukkig verliep de wedstrijd prima voor ons als Nederlandse arbitrage.”

Die ervaring neemt hij mee naar de Nederlandse competitie. Het kan een bewogen jaar worden voor de jonge Amstelvener: “Ik hoop de stap te maken naar de Eredivisie. En in mei gaan Lisa en ik trouwen. We wonen al enkele jaren samen, we hebben elf jaar een relatie met elkaar. Ja, het kan een jaar vol hoogtepunten worden. Maar ik blijf met beide benen op de grond staan hoor. Ik ben te nuchter om met mijn hoofd in de wolken te gaan lopen.”

Vast stramien

Van der Eijk volgt altijd een vast stramien op de wedstrijddag: “Als ik vrijdagavond fluit ga ik meestal rond één uur van huis. Ik werk die dag nooit. Zorg dat ik rond drie uur in het hotel ben. Soms komen ook de assistenten daar en eten we rond vijf uur samen. Daarna nog even rusten en op naar het stadion. Ik rijd eigenlijk meestal alleen naar de speelstad. Mijn vriendin Lisa houdt ook wel van voetbal en komt een paar keer per jaar kijken. Dat geldt ook voor familie en vrienden. Ik kan niet van ze verwachten dat ze op de heenweg met mij meerijden. Een wedstrijd kost dan al gauw acht tot tien uur. Dat is wel erg veel voor hen.”