Talent Joey Kooij bekend van schoonvader Frank de Boer, maar in de voetsporen van vader Eric

Zo vader zo zoon

Door LEO BLANK


Toen Joey Kooij begin dit jaar zijn debuut maakte in de Eredivisie ging het in de media bijna alleen over het feit dat hij de schoonzoon is van Frank de Boer. Die familieband en alle consequenties daarvan leken zijn prestaties op het veld bijna te overschaduwen


Foto Marcel Antonisse.

Talent Joey Kooij bekend van schoonvader Frank de Boer, maar in de voetsporen van vader Eric

Zo vader zo zoon

Door LEO BLANK


Toen Joey Kooij begin dit jaar zijn debuut maakte in de Eredivisie ging het in de media bijna alleen over het feit dat hij de schoonzoon is van Frank de Boer. Die familieband en alle consequenties daarvan leken zijn prestaties op het veld bijna te overschaduwen


Foto Marcel Antonisse.

Talent Joey Kooij bekend van schoonvader Frank de Boer, maar in de voetsporen van vader Eric

Zo vader zo zoon

Door LEO BLANK


Toen Joey Kooij begin dit jaar zijn debuut maakte in de Eredivisie ging het in de media bijna alleen over het feit dat hij de schoonzoon is van Frank de Boer. Die familieband en alle consequenties daarvan leken zijn prestaties op het veld bijna te overschaduwen


Foto Marcel Antonisse.

In een sfeervolle lunchroom met de muzikale klanken van het carillon van de kerk in zijn woonplaats Monnickendam op de achtergrond roert het 26-jarige toptalent rustig in zijn net geserveerde cappuccino. Hij kijkt met een blik van ‘die vraag had ik wel als eerste verwacht’.

Vooropgesteld, Kooij gaat er niet bepaald gebukt onder. Hij weet als geen ander hoe het werkt in de media waarin vrijwel alles wat afwijkt van het normale patroon volop in de schijnwerpers staat.

Joey: “Ja, ik woon enkele jaren samen met Romy, de dochter van Frank. Hij is een Bekende Nederlander. Daar zijn hij en ik als Noord-Hollanders heel nuchter in. Onze doelen lopen ver uiteen. Met de KNVB heb ik de afspraak gemaakt dat ik geen wedstrijd leid waarbij Frank als coach betrokken is. Dat is voor mij geen discussiepunt. Ik wil onbevooroordeeld naar iedere wedstrijd afreizen. We zien elkaar regelmatig, hij woont ook in Monnickendam. Ik wil niet meemaken dat we hebben afgesproken om samen ’s avonds te eten bij elkaar terwijl ik hem ’s middags heb weggestuurd omdat hij zich misdroeg langs de lijn. Ik vraag me trouwens af of hij me dan nog wel aan tafel wil hebben, haha.”


Andere bril

Zijn schoonvader volgt de arbitrale verrichtingen van Joey nauwlettend. “Niet dat hij persoonlijk aanwezig is bij wedstrijden van me. Maar live op tv ziet Frank me regelmatig aan het werk. Uiteraard discussiëren we samen veel over het spelletje. Maar we bekijken een wedstrijd beiden door een heel andere bril. Hij als voetballer en coach, ik als scheidsrechter. Ik leer wel veel van zijn opmerkingen en tactisch inzicht.”

Vader Eric

Bijzonder is dat de relatie met zijn vader veel minder aandacht krijgt. Terwijl het toch Eric Kooij was die zijn jonge zoon op het spoor zette van de arbitrage. Joey: “Mijn vader floot rond de eeuwwisseling wedstrijden in de Jupiler League, die toen nog Eerste Divisie of Toto-divisie heette. Hij schopte het tot de C-lijst betaald voetbal. Ik ging als jochie van zeven, acht jaar vaak met hem mee als hij ergens floot. Samen keken we op tv door een scheidsrechtersbril naar wedstrijden. Dat schept natuurlijk een band.”

Joey meldde zich op zestienjarige leeftijd aan voor de BOS-cursus, die hij volgde in Zaandam en Purmerend. Daarvoor was hij een verdienstelijke voetballer, eerst bij OSV en daarna OFC, beide in zijn Oostzaan. “Ik speelde laatste man. Voetbalde bij OFC in de derde en tweede klasse op zondag. Maar de club wilde hogerop, er kwamen steeds meer spelers van buiten. Ik merkte dat tweede klasse mijn plafond was en dat ik door die andere jongens voorbijgestreefd zou worden. Dat was voor mij het sein te stoppen en alles op de arbitrage te gooien.”


Dramatisch

Hij kan zich zijn allereerste wedstrijd in de jeugd nog precies herinneren: “Alles was nieuw voor me. Plotseling moest ik leiding geven aan twee teams. Het ging voor mijn gevoel dramatisch en was ontzettend zenuwachtig. Mijn vader was mee, gelukkig ging het daarna veel beter. Ik kreeg veel bruikbare tips van mijn vader en een coach van de KNVB, die kwam kijken.



Hij bleek talent te hebben. Kooij promoveerde ieder jaar en reikte al snel tot de hoogste jeugdgroep. Op aanraden van de KNVB stapte hij na enkele jaren over naar de senioren. “Dat zou beter zijn voor mijn ontwikkeling, ik zou daar meer weerstand ondervinden.”

Dat bleek helemaal te kloppen. Hij was inmiddels opgenomen in het talententraject amateurvoetbal en begon in de derde klasse zaterdag. “Ik was amper twintig jaar. Kreeg te maken met spelers van boven de dertig. Sommigen hadden een profcarrière achter de rug. Hadden hun trucs en waren heel geraffineerd. Ik merkte al gauw dat ze me accepteerden. Ik benader iedereen op normale wijze, hang niet de autoritaire leidsman uit.”


Makelaar

Ook bij de senioren ging het snel met zijn loopbaan. Binnen enkele jaren schoot de Noord-Hollander, die vier dagen per week zijn brood verdient als makelaar onroerend goed in Amsterdam en omgeving, omhoog naar de top van het amateurvoetbal. Joey daarover: “Ik floot hoofdklasse en eerste klasse. Kwam op een shortlist van zes talentvolle, jonge arbiters terecht voor het betaald voetbal. Ik floot net een halfjaar op dat niveau, de anderen al drie, vier jaar. Ik was een weekendje weg met mijn vriendin toen de KNVB telefonisch meldde dat ik voortaan Topklasse mocht gaan leiden.”

De bond besliste vervolgens ook dat hij nog niet overstapte naar het betaald voetbal. In plaats daarvan leek het de keuzeheren in Zeist beter dat het talent nog een jaar zou rijpen in de Topklasse. Joey is daar achteraf niet rouwig om: “Ik deed dat extra jaar veel ervaring op. Floot wedstrijden bij IJsselmeervogels, Spakenburg en andere topamateurverenigingen. Dat waren vaak geen makkelijke wedstrijden. Veel publiek, extra weerstand in en rond het veld. Ik leerde ieder weekend.”


Foto Marcel Antonisse

Hij bleek talent te hebben. Kooij promoveerde ieder jaar en reikte al snel tot de hoogste jeugdgroep. Op aanraden van de KNVB stapte hij na enkele jaren over naar de senioren. “Dat zou beter zijn voor mijn ontwikkeling, ik zou daar meer weerstand ondervinden.”

Dat bleek helemaal te kloppen. Hij was inmiddels opgenomen in het talententraject amateurvoetbal en begon in de derde klasse zaterdag. “Ik was amper twintig jaar. Kreeg te maken met spelers van boven de dertig. Sommigen hadden een profcarrière achter de rug. Hadden hun trucs en waren heel geraffineerd. Ik merkte al gauw dat ze me accepteerden. Ik benader iedereen op normale wijze, hang niet de autoritaire leidsman uit.”


Makelaar

Ook bij de senioren ging het snel met zijn loopbaan. Binnen enkele jaren schoot de Noord-Hollander, die vier dagen per week zijn brood verdient als makelaar onroerend goed in Amsterdam en omgeving, omhoog naar de top van het amateurvoetbal. Joey daarover: “Ik floot hoofdklasse en eerste klasse. Kwam op een shortlist van zes talentvolle, jonge arbiters terecht voor het betaald voetbal. Ik floot net een halfjaar op dat niveau, de anderen al drie, vier jaar. Ik was een weekendje weg met mijn vriendin toen de KNVB telefonisch meldde dat ik voortaan Topklasse mocht gaan leiden.”

De bond besliste vervolgens ook dat hij nog niet overstapte naar het betaald voetbal. In plaats daarvan leek het de keuzeheren in Zeist beter dat het talent nog een jaar zou rijpen in de Topklasse. Joey is daar achteraf niet rouwig om: “Ik deed dat extra jaar veel ervaring op. Floot wedstrijden bij IJsselmeervogels, Spakenburg en andere topamateurverenigingen. Dat waren vaak geen makkelijke wedstrijden. Veel publiek, extra weerstand in en rond het veld. Ik leerde ieder weekend.”


Foto Marcel Antonisse

Profdebuut

Hij was inmiddels wel opgenomen in het talententraject betaald voetbal. Drie jaar geleden kwam de beloning in de vorm van een uitverkiezing voor de Masterclass Betaald Voetbal. Kooij kreeg al in de tweede competitieronde een wedstrijd toegewezen in de Jupiler League: Achilles ’29-FC Oss op 24 augustus 2015. Hij gaf bij zijn profdebuut gelijk vijf gele kaarten. Inmiddels staat de teller op bijna zestig ontmoetingen op het op één na hoogste niveau in Nederland. Op 21 februari 2016 floot de Monnickendammer zijn eerste wedstrijd in België: Patro Eisden MM-KAS Eupen. Hij deelde vier gele kaarten uit.

“De tweede wedstrijd bij de zuiderburen was nog veel leuker. Roeselare tegen FC Antwerp in de Eerste Klasse B. Er stond een periodetitel op het spel. Een spannende wedstrijd met een ontknoping in de slotminuten. Ik denk dat er wel 15.000 toeschouwers aanwezig waren. Nog altijd een van de mooiste wedstrijden die ik heb geleid”, blikt Joey terug.


Vuurdoop

Zijn vuurdoop op het hoogste niveau in Nederland bleef niet lang uit. Op 21 februari 2018 werd Kooij aangesteld bij Excelsior – FC Utrecht. “Dan word je voor de leeuwen gegooid”, besefte hij. Maar het ging volgens hem en hoofdcoach Mike van der Roest van de KNVB prima. Inmiddels staan er vier Eredivisiewedstrijden achter zijn naam. Begin deze maand leidde hij FC Groningen – PEC Zwolle.


Joey Kooij tijdens de wedstrijd ADO-Willem II. Foto Pro Shots / Kay in ’t Veen.

Hij moest wennen aan de vele media-aandacht: “Dat is toch anders dan in de Eerste Divisie. Hoewel die wedstrijden tegenwoordig ook live te zien zijn op tv. We volgen allemaal mediatraining. De afspraak is dat je je woord doet voor de camera als daarom wordt gevraagd. Dan kun je het publiek uitleggen waarom je een beslissing hebt genomen. Waarom je een strafschop of rode kaart gaf. Ik ben ervan overtuigd dat de mensen jouw beslissingen daardoor beter accepteren.”


Videoarbitrage

Het mag geen verrassing heten dat Joey een groot voorstander is van videoarbitrage. “Ik volg al anderhalf jaar de opleiding en treed inmiddels ook zelf op als VAR (Video Assistent Referee) of assistent-VAR. Ik heb zelf nog niet hoeven ingrijpen. En ook bij mijn eigen wedstrijden heeft de VAR nog niet ingegrepen. In het veld is het een geruststellend idee dat je collega in Zeist bij twijfel beelden kan terugkijken. Als hij reden heeft om jou te verzoeken zelf langs het veld naar de monitor te gaan, kun je alsnog op je eigen beslissing terugkomen. Vooral bij overtredingen die wij op het veld niet zien of gewoon niet hebben kunnen waarnemen, is een VAR van toegevoegde waarde. Ik vind de videoarbitrage een hele mooie ontwikkeling. De belangen zijn immers heel groot.”


Rot gevoel

Fouten keuzes kunnen direct worden hersteld. Joey: “Je gaat niet meer met een rot gevoel naar huis als achteraf blijkt dat je fout zat. Je hebt ook geen last van boze, gefrustreerde supporters die

je bij de uitgang opwachten. Het voetbal wordt sportiever, daarvan ben ik overtuigd. Bij corners weten spelers bijvoorbeeld dat bijna alles wordt gezien door de arbitrage. Daar houden ze rekening mee.”

Hij verwacht dat de publieke discussie over videoarbitrage langzaam zal wegebben. Ook de arbiters zelf moeten nog de juiste balans vinden in wat ze wel en juist niet via de headset tegen elkaar zeggen. “Daar is veel aandacht voor. Er wordt nu al veel minder onderling gesproken. Je moet voorkomen dat er te veel gepraat wordt. Alleen het noodzakelijke moet gezegd worden.”


Vergrootglas

Het doel voor dit seizoen is vooral ervaring opdoen in de Eredivisie. “Op het hoogste niveau lig je constant onder een vergrootglas. Er wordt beter gevoetbald. Er is meer media. Weerstand van spelers en trainers is nog groter dan in een divisie lager. Je moet als scheidsrechter een nog dikkere huid hebben. Gelukkig ben ik goedgebekt. Ik dien ze van repliek als dat moet. Van mij wordt gezegd dat ik een hele natuurlijke houding heb en fysiek en conditioneel top ben. Maar er is nog een hele lang weg te gaan.”

Joey traint drie tot vier keer per week. Met personal trainer Michel Rietheide in het Amsterdamse Bos en in de sportschool in Monnickendam. Daarnaast reist hij eens in de vijf, zes weken naar Zeist voor een maatwerkbijeenkomst met de andere (assistent)scheidsrechters betaald voetbal. Waar hij gelouterde toppers als Kuipers, Van Boekel, Nijhuis en Makkelie ontmoet. “Hele aardige mannen. Ik kijk er altijd naar uit. Heerlijk om samen te discussiëren over spelsituaties. Ik ben al een paar keer als vierde official mee geweest met Björn Kuipers. Hij is voor mij een voorbeeld en bezit een hele natuurlijke persoonlijkheid. Hoe serieus hij omgaat met het scheidsrechtersvak! Ik heb ongelooflijk veel waardering voor wat hij allemaal doet en laat om de top te bereiken.”

Foto Pro Shots / Toine Damen

SVA


Op papier is Joey nog altijd lid van scheidsrechtersvereniging Amsterdam (SVA). Maar de eerlijkheid gebiedt hem te zeggen dat hij er vrijwel nooit zijn neus laat zien: “Ik heb er gewoon de tijd niet voor. En trainingen passen ook niet in mijn individuele schema. Maar ik vind het wél belangrijk dat scheidsrechters lid zijn van een verenigingen en hun belangen laten behartigen door een organisatie als de COVS.”